maandag 6 juni 2011

Het katholieke geloof is - blijkbaar - een riskante zaak

Uitstekende column van pater Elias in het KN van afgelopen week (papieren editie, p. 14):
Ik ben dit jaar 30 jaar katholiek en zo langzamerhand begin ik de Kerk te kennen. Ik heb nooit spijt gehad van mijn bekering, ook al heb ik af en toe verbaasd gestaan over wat er in mijn leven als gevolg van die stap is gebeurd. En over wat er in de Kerk is gebeurd. Eerlijk gezegd heb ik de zwakke kanten van de Kerk eerder ontdekt dan de sterke kanten. Eerst heb ik futloze kerkdiensten moeten uitzitten, waar het meer naar spruitjes rook dan naar wierook. Ik vocht om de aandacht bij de preek te houden of om wakker te blijven. Ik had medelijden met vereenzaamde priesters, die er zelf niet meer in geloofden. Ik kon de vage zwaarmoedige sfeer niet goed peilen en begreep niet waar die vandaan kwam. Waren alle katholieken in Nederland gefrustreerd? Ik vond ze in het buitenland juist zo goed in hun vel zitten…
Bij het pausbezoek in 1985 kwam binnen het kerkelijk leven alle negativiteit ineens als pus naar buiten, alsof de paus een door God gezonden puistuitdrukker was. Overal werd kleinzielig verraad zichtbaar. Maar ik zag óók ineens duidelijk wie er nog wél geloofden. Juist door die nieuwe onverwachte duidelijkheid kon ik priesters vinden die nog wisten wat biechthoren is, die raad konden geven, en ik leerde ook, voor het eerst, gezonde Hollandse katholieke families kennen. Dat was een hele opluchting; ik had toch niet op het verkeerde paard gewed! Dit alles wierp ook een nieuw licht op al die negatieve ervaringen. Blijkbaar is het katholieke geloof een riskante zaak! Het schept een grenzeloze innerlijke vrijheid, en dus ook een oneindige speelruimte voor verraad. We zijn niet alleen de Kerk van Petrus en Paulus, maar ook van Judas. Betekent dit dat we steeds bang moeten zijn en overal verraad opzoeken, ontmaskeren en… uitroeien? Integendeel! Christus heeft Judas gekozen en hem laten blijven tot het laatste uur. Jezus heeft ook nu alles in de hand. Wij hoeven niet bang te zijn. Alleen stakkers als Gaddafi of Kim Jung Il hebben reden om bang te zijn. Zij vertrouwen terecht niemand en worden levenslang verteerd door argwaan. Uiteindelijk is wantrouwen de zelfopgelegde straf voor iedereen die macht kiest boven waarheid. De kracht van het geloof is vertrouwen – het vertrouwen op God en op de onvergankelijke dorst naar waarheid die God in de onsterfelijke ziel stort. De Kerk is ook de Kerk van Johannes, de enige met wie Jezus het geheim van Judas’ komende verraad gedeeld heeft. Johannes heeft vertrouwd op de waarheid, die in Christus het laatste woord heeft gehad, nog steeds heeft, en altijd zal hebben, tot het einde.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen