maandag 22 oktober 2012

A.D. 2012, in Nederland

Interview met Leidse studente Frans Stan Hunnekens in het Katholiek Nieuwsblad van afgelopen week (papieren editie, p. 15), door Pascal Beukers:
“Waar doe ik het allemaal voor? Hoe word ik gelukkig?”, vroeg Stan Hunnekens zich af toen ze 16 jaar was. Opgegroeid in Brabant, in een “van huis uit katholiek gezin dat er verder niets mee doet”, zet haar docent klassieke talen haar aan over de levensvragen na te denken. “Wat is waarheid?, vroeg hij. Daar is mijn zoektocht naar waarheid begonnen.
“Wat volgt, zijn regelmatige gesprekken en discussies over de vraag of de waarheid bestaat. “Soms raakte ik gepikeerd over wat die docent zei. Ik was ervan overtuigd dat iedereen zijn eigen subjectieve waarheid heeft. Hoe kun je denken dat er maar één waarheid is?” Ze merkt dat de docent dingen zegt die haar verder laten kijken dan haar neus lang is. “Hij zei onder meer dat we alles moeten toetsen aan de werkelijkheid. En hij bleef maar spreken over dé waarheid.”
Intuïtief groeit bij Hunnekens de vraag naar de zin van het leven. “Ik kreeg een steeds sterker verlangen naar liefde, naar rechtvaardigheid, naar schoonheid en naar oneindigheid. Die docent prikkelde mij met vragen als: ‘Wat verlang je ten diepste?’ en: ‘Wat wil je echt?’ Hij gaf voorbeelden van mensen en materiële zaken die wellicht het verlangen kunnen vervullen en vroeg: ‘Is dit genoeg?’ Die woorden bleef hij herhalen. Ik besefte dat mijn verlangen oneindig is en dat niets genoeg is. Alles in mijn leven op deze aarde liet zijn vluchtige en voorbijgaande karakter zien. Ik verlangde naar iets oneindigs, iets dat niet ophoudt te bestaan.”
De docent legt haar uit dat haar verlangen er niet voor niets is en dat er een antwoord is. “Ik had geen idee dat mijn leraar christen was. We hadden nog nooit over God gesproken. Hij vertelde me dat er Iemand was geweest die zichzelf de weg, de waarheid en het leven noemde en dat Diegene van mij houdt. Dat antwoord was een bevrijding. Ik zag in dat het waar was wat hij zei, omdat het beantwoordde aan mijn verlangen. Hij noemde wat ik zocht: iemand die van je houdt.”
Voor Hunnekens was het duidelijk dat de leraar God bedoelde. “Ik ontdekte dat de waarheid bestaat, dat was in mijn hart gegrift. Ik werd me bewust van de aanwezigheid van Christus in de wereld en dat Hij van mij houdt. Mijn blik naar de wereld en medemensen veranderde, die werd tederder.”
Haar fascinatie voor wat ze ontdekt had, groeide, maar zakte ook telkens weer weg. “Dat gevoel van geliefd zijn, bemind worden, zakte weg. Dat had voeding nodig.” Ze krijgt van de docent een uitnodiging mee te gaan naar een bijeenkomst van de katholieke beweging Gemeenschap en Bevrijding. Tijdens de bijeenkomsten wakkert haar fascinatie steeds weer aan. “Ik ontmoette daar mensen die verdiepend leefden en een groter inzicht hadden dan ik in leven en geloof.”
Na de middelbare school gaat Hunnekens in Leiden studeren. Ze heeft een tijdje minder contact met de mensen van de gemeenschap. “Daar merkte ik dat ik het contact miste. Ik had bij de gemeenschap iets gevonden wat ik nergens anders was tegengekomen. Wat me aantrok, was dat ik bij hen geluk zag dat ik niet kende. En de manier waarop ze met elkaar omgingen. Veel respectvoller en liefdevoller dan ik gewend was. Dat moet je meemaken en ervaren. Ik wilde ook wat zij hadden.”
Vanaf dan gaat ze naar de wekelijkse verdiepings- en ontmoetingsavond in Leiden. “Mijn geloof begon te groeien door de boeken die ik las, de films die ik zag en door erachter te komen hoe die andere manier van leven werkt. Ik vroeg mij af hoe het komt dat zij zo gelukkig waren. Ik had ook een prima leven, maar toch was iets fundamenteel anders dan bij mij. Het werd me duidelijk dat dat kwam door Christus. Het mooie was dat mensen van de gemeenschap helemaal niet moraliserend naar mij waren. Er werd nooit iets gezegd over dat ik bijvoorbeeld nog niet gedoopt was. Het zijn eigenlijk de minst moraliserende mensen die ik ken. Wel stelden ze vragen als ‘Wat wil je?’ en ‘Wat verlang je?’.”
Hunnekens besluit dat het voor haar tijd is ja te zeggen tegen Diegene die het antwoord is op haar verlangen. Ze volgt catechese en bereidt zich een jaar lang voor op het doopsel. Afgelopen Pasen was het zover en ontving ze in de Bossche St.-Jan het doopsel, het vormsel en haar eerste communie. Hunnekens: “Ik wil de weg volgen waarvan ik geloof dat ik er gelukkig van ga worden en waarvan ik heb gezien dat ik er gelukkiger van word.”

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen