zondag 14 juli 2013

Paus Franciscus: de theologie wijde zich nederig "aan de opdracht om het geloof van allen, maar vooral van de eenvoudigste mensen, te bewaren en te verdiepen"

Omdat het geloof een licht is, nodigt het ons uit erin door te dringen en de horizon die door het geloof te zien is, steeds verder te onderzoeken, om datgene wat we beminnen beter te leren kennen. Uit deze wens komt de christelijke theologie voort. Het wordt derhalve duidelijk dat theologie zonder geloof onmogelijk is. De theologie behoort tot de dynamiek van het geloof zelf, dat tracht om de zelfopenbaring van God, die haar hoogtepunt vindt in het mysterie van Christus, dieper te verstaan. De eerste gevolgtrekking hieruit luidt dat in de theologie niet louter een beroep wordt gedaan op de rede om, zoals in de experimentele wetenschappen, te onderzoeken en tot kennis te komen. God kan niet tot een object herleid worden. Hij is het handelende Subject, dat zich laat kennen en dat zich openbaart in de relatie van persoon tot persoon. Het rechtzinnige geloof brengt de rede ertoe zich open te stellen voor het licht dat van God komt, opdat het verstand, geleid door de liefde voor de waarheid, God op een diepere wijze kan kennen. De grote leermeesters en theologen uit de Middeleeuwen hebben erop gewezen dat de theologie als wetenschap van het geloof een deelname vormt aan de kennis, die God van zichzelf heeft. De theologie is dus niet enkel een spreken over God, maar bestaat er vooral in, te trachten het Woord te ontvangen en dieper te begrijpen: het Woord dat God tot ons richt, het Woord dat God over zichzelf spreekt, want Hij is een eeuwige dialoog van gemeenschap en Hij verleent de mens toegang tot het binnenste van deze dialoog. De deemoed, zich door God te laten aanraken, maakt derhalve deel uit van de theologie: zij erkent haar begrensdheid tegenover het mysterie en ze streeft ernaar om, met de zorgvuldigheid die eigen is aan de rede, de onpeilbare rijkdommen van dit mysterie te onderzoeken.
Voorts deelt de theologie ook het kerkelijke karakter van het geloof; haar licht is het licht van het gelovige subject dat de Kerk is. Dit impliceert enerzijds dat de theologie in dienst staat van het geloof van de christenen. Nederig wijdt ze zich aan de opdracht om het geloof van allen, maar vooral van de eenvoudigste mensen, te bewaren en te verdiepen. Omdat ze vanuit het geloof leeft, beschouwt de theologie het leergezag van de paus en van de met hem verbonden bisschoppen bovendien niet als iets dat van buitenaf komt, als een grens aan haar vrijheid. Het leergezag vormt integendeel een intrinsiek en constitutief element van de theologie, in zoverre het een waarborg biedt voor het contact met de oorspronkelijke bron en daardoor de zekerheid geeft te putten uit het Woord van Christus in heel zijn volheid (Paus Franciscus, encycliek Lumen Fidei, n. 36).
Bestel hier de Nederlandse vertaling van de encycliek.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen